Van Goghs intimi

Zet alvast in je agenda, deze (voor mij in ieder geval) must see tentoonstelling!

Het Noordbrabants Museum organiseert van 21 september 2019 tot en met 12 januari 2020 Van Goghs intimi. Vrienden, familie, modellen. Deze grote internationale tentoonstelling belicht de personen die een belangrijke rol speelden in zowel het leven als het werk van Vincent van Gogh (1853-1890). Aan de hand van circa 90 schilderijen, tekeningen, brieven en documenten maakt de bezoeker uitgebreid kennis met deze ‘intimi’. Niet eerder is dit onderwerp zo uitvoerig belicht. Met Van Goghs intimi ontkracht het museum het gangbare beeld van de getormenteerde, eenzame kunstenaar en laat het zien dat Van Gogh ondanks zijn vaak moeizame relaties door zijn vrienden en familie zeer werd gewaardeerd als mens en als kunstenaar. De tentoonstelling is samengesteld door Sjraar van Heugten, voormalig hoofd Collecties van het Van Gogh Museum en zelfstandig tentoonstellingsmaker.

L’Arlésienne (Madame Ginoux)
Vincent van Gogh
februari 1890, olieverf op doek, 60 x 50 cm. Galleria Nazionale d’Arte Moderna e Contemporanea, Rome. Met toestemming van Ministero per I Beni e delle Attività Culturali

Mens achter de kunstenaar

Vincent van Gogh was een gepassioneerd man, die soms complexe verhoudingen had met familie, vrienden en collega-kunstenaars. Zijn relaties waren in enkele gevallen hecht en langdurig, maar hij wist met zijn uitgesproken karakter ook mensen van zich te vervreemden. In de tentoonstelling komen de belangrijkste personen in Van Goghs leven in ruwweg chronologische volgorde aan bod, van zijn jaren in Brabant en Den Haag, de periodes in Parijs en Zuid-Frankrijk tot aan zijn dood in Auvers-sur-Oise op 29 juli 1890. Zijn gezinsleven en familie, zijn vriendschappen met kunstenaars als Anthon van Rappard, Anton Mauve, Emile Bernard, Paul Gauguin, Henri de Toulouse-Lautrec en Paul Signac, maar ook zijn liefdesrelaties worden belicht. De bezoeker leert de kunstenaar beter kennen via schilderijen en tekeningen die hij van zijn vrienden, familie en modellen maakte en via de (zelf)portretten uit zijn kring van intimi, maar ook via vaak hele persoonlijke documenten zoals brieven en schetsboekjes. Gezamenlijk geven deze inzage in de mens achter de kunstenaar.

La berceuse (Madame Roulin)
Vincent van Gogh
1889, olieverf op doek, 92,7 x 73,8 cm. The Art Institute of Chicago, Helen Birch Bartlett Memorial Collection

Niet eerder getoonde bruiklenen en topstukken

De kunstwerken komen onder meer uit Nederlandse collecties (waaronder het Van Gogh Museum en het Kröller-Müller Museum), aangevuld met bijzondere bruiklenen uit het buitenland. De expositie bevat ook werk en documenten uit particulier bezit. Daarnaast brengt de tentoonstelling veel bijzondere documenten bijeen waarvan het bestaan bij het grote publiek vrijwel onbekend is: een schetsboekje voor Matthijs Maris, niet eerder getoonde schetsboekjes van Van Gogh voor Betsy Tersteeg, de dochter van kunsthandelaar H.G. Tersteeg in Den Haag, maar ook een zelden eerder getoonde brief van Vincent aan Paul Signac uit particulier bezit en zes zelden getoonde condoleancebrieven aan Theo van Gogh van onder meer Camille Pissarro, Henri de Toulouse-Lautrec en Paul Gauguin. Tot de absolute topstukken behoren het Stilleven met bijbel uit 1885 uit het Van Gogh Museum (Vincent van Gogh Stichting), La Berceuse (Madame Roulin) uit 1889 uit The Art Institute of Chicago en L’Arlésienne (Madame Ginoux) uit 1890 uit de Galleria Nazionale d’Arte Moderna e Contemporanea in Rome.

Stilleven met strohoed
Vincent van Gogh
eind november-half december 1881, olieverf op papier op doek, 36,5 x 53,6 cm. Kröller-Müller Museum, Otterlo

Speciale aandacht voor Theo van Gogh

Theo van Gogh (1857-1891), zonder enige twijfel de belangrijkste persoon in Van Goghs leven, krijgt in de tentoonstelling extra aandacht. Niemand kende Vincent beter dan zijn broer Theo, die hem in een brief aan zus Willemien (Parijs, 14 maart 1887) als volgt typeerde: ‘Het is alsof er in hem twee mensen zijn, de een merveilleus beschaafd, fijn en zacht en de ander eigenlievend en hardvochtig.’ De vriendschap tussen de broers en hun gezamenlijke liefde voor kunst en literatuur wordt onder meer belicht met het schilderij Portret van Theo van Gogh uit 1887, een poëzieboekje van Vincent voor Theo uit 1874-1875 en een boek met 42 ingeplakte prenten van vermoedelijk Theo van Gogh, alle uit het Van Gogh Museum. Het poëzieboekje in het bijzonder geeft een ontroerend beeld van de broederliefde.

Zelfportret
Anton Mauve
ca. 1884-1888, olieverf op doek, 65 x 43 cm. Gemeentemuseum Den Haag, Schenking Vrienden van het Gemeentemuseum Den Haag

Catalogus

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde catalogus in samenwerking met WBOOKS, met
een omvangrijk artikel door gastconservator Sjraar van Heugten en een essay van Helewise Berger
(conservator 19de– en begin 20ste-eeuwse kunst van Het Noordbrabants Museum). Nederlands en Engels, 240 pagina’s, ca. 200 kleurillustraties, paperback, NL/ISBN 978 94 625 8338 2, € 24,95.

Mede mogelijk gemaakt door

De tentoonstelling
 Van Goghs intimi wordt mede mogelijk gemaakt door Cultuurfonds Landelijk
Onderscheidend van de gemeente ‘s-Hertogenbosch, Rabobank ‘s-Hertogenbosch en Omstreken, Turing Foundation, Stichting Zabawas, Stichting Leye Fonds, Coovels Smits Stichting en 
Stichting N. van Ballegooijen Fonds.

Stilleven met bijbel, Vincent van Gogh
1885, olieverf op doek, 65,7 x 78,5 cm. Van Gogh Museum, Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Van Gogh in Brabant

Vincent van Gogh werd in 1853 geboren in Brabant, in het zuiden van Nederland. Daar ligt de oorsprong van zijn uitzonderlijke talent en eigenzinnige karakter. De Brabantse locaties waar Van Gogh heeft gewoond en gewerkt, hebben hun krachten gebundeld onder de naam Van Gogh Brabant. Drie heritage centres, 39 Van Gogh Monumenten en de collectie originele werken in Het Noordbrabants Museum vertellen zijn levensreis. Bezoekers leren Vincent van dichtbij kennen: van zijn kindertijd in Zundert, tot de start van zijn carrière in Etten, van zijn tekenlessen in Tilburg tot zijn eerste meesterwerken in Nuenen.

History as a poem

Op 19 juni 2018 opende de bijzondere tentoonstelling History as a poem van Atousa Bandeh in de tentoonstellingsruimte KINK (Kunst in De Nieuwe Kolk). De expositieruimte van het Drents Museum toont uiteenlopende hedendaagse kunst. Deze tentoonstelling is extra bijzonder: het poëtische werk van de Iraanse-Nederlandse kunstenaar loopt parallel aan de grote archeologische tentoonstelling Iran – Bakermat van de beschaving in het Drents Museum. History as a poem is een verhaal op zich, en gratis toegankelijk tot en met 18 november 2018.

Apple Tree150x260cm.jpg

Atousa Bandeh, Apple Tree, 2013, inkt, potlood, print op papier, 150×260

In de tentoonstelling History as a poem van Atousa Bandeh (1968) zijn grote, diepgekleurde schilderingen te zien. Vaak cirkelen alledaagse voorwerpen rond jonge meisjes die je recht aankijken. In enkele video’s en een film doet Atousa Bandeh verslag van een reis of van een poging om grond te kopen in haar geboorteland. In de meest recente schilderijen, op groot formaat, staan geen mensen meer afgebeeld, maar instortende gebouwen, bouwkranen of andere objecten. Aan de basis van al deze werken staan de persoonlijke ervaringen van Atousa Bandeh. Daarin spelen – behalve herinneringen – angsten, verlies van identiteit en poëzie een grote rol.

Poëtische video’s
Atousa Bandeh woonde tot aan haar 19de in Iran, toen ze vluchtte voor de Irak-Iranoorlog. Na een lange, onzekere reis belandde ze in een dorp in Groningen, in een landschap zonder bergen, iets dat ze zich absoluut niet kon voorstellen. Dit soort elementaire ervaringen heeft ze verwerkt in een aantal video’s over haar relatie met Iran. Het zijn geen activistische video’s maar dichterlijke weergaven van de werkelijkheid die je raken. Bijvoorbeeld in Man’s Cry: een installatie met video’s van vier verschillende steden in de wereld. De beelden zijn niet van de bekende toeristische attracties, maar laten juist de eenzaamheid zien van de harde realiteit.

Kharabat 420x280cm 2018 acrelyc on canvas

Atousa Bandeh, Kharabat, 2018, acrylverf op canvas, 420×280

Jonge meisjes en macho-mannen
In grote tekeningen combineert Atousa Bandeh beelden uit haar herinneringen van het leven in Iran met alledaagse voorwerpen die symbolisch zijn voor achterliggende gebeurtenissen. De tekeningen zijn kleurrijk en dromerig, maar er schuilen ook bedreigende elementen in. Centraal staat vaak een jong meisje, dat zich verstopt in een perzikboom met papegaaien, of door het zand loopt in een roze engelenjurk. Dat die wereld niet zo vrolijk is als de kleuren doen vermoeden, blijkt uit een prikkeldraadomheining, of macho-mannen die de onschuld van het meisje bedreigen.

Geschiedenis in dichtvorm
De titel van de tentoonstelling History as a poem is een merkwaardige vondst voor iemand die de eigen tijd ervaart als juist het tegenovergestelde: Atousa Bandeh ziet de wereld als een zakelijke werkelijkheid waarin nauwelijks ruimte is voor emotie en poëzie. Met de schilderijen die ze tegenwoordig maakt, heeft de intieme, persoonlijke ervaring plaats gemaakt voor grotere thema’s. Maar hoe universeel deze werken ook over mogen komen, in hun kern gaat het nog steeds om de plaats van het individu en zijn gevoelens in een groter verband. En over het belang om die ervaring te kunnen delen.

 

Atousa Bandeh - Hunters - 240x280cm.jpg

Atousa Bandeh, Hunters, 2013, inkt, potlood, print op papier, 240×280

Atousa Bandeh
Atousa Bandeh woont inmiddels dertig jaar in Nederland. Na een kunststudie aan Minerva in Groningen, vertrok ze naar het Sandberg Instituut in Amsterdam. Haar video’s uit de jaren 2000 zijn op festivals over de hele wereld vertoond. Haar tekeningen en schilderijen zijn minder bekend, reden voor het Drents Museum om dit werk onder de aandacht te brengen in KINK.

KINK is van dinsdag tot en met zondag geopend tussen 11.00 en 17.00 uur in De Nieuwe Kolk, Weiersstraat 1, Assen.

EXPOSITIE ‘NAAR VAN GOGH’

Beelden van Van Gogh (iconen uit de kunstgeschiedenis) gereproduceerd in de hedendaagse kunst, maar op totaal andere wijze en met een compleet andere betekenis.

Dat laat de tentoonstelling ‘Naar Van Gogh’ zien aan de hand van het werk van zes uiteenlopende (inter)nationale kunstenaars. De expositie in het Zundertse Vincent van GoghHuis prikkelt de zintuigen. Niets is wat het lijkt. Met werk van Suat Ogüt, Matthew Day Jackson, Raul Ortega Ayala, Niek Hendrix, Stijn Peeters en Vik Muniz. Te zien van 3 juni 2018 tot en met 6 januari 2019.

Wie de expositie in het Van GoghHuis bezoekt, denkt in eerste instantie werken van Van Gogh te zien. Het zijn echter allemaal hernemingen van Van Goghs door hedendaagse kunstenaars, die zodoende Van Gogh actualiseren. Hun manipulaties zetten de kijker bewust op het verkeerde been.

Zo toont Suat Ogüt (Turkije, 1986) in de reeks ‘Van Gogh Museum/Collection of Missing Titles’ vijf schilderijen van Van Gogh die verloren zijn geraakt door brand tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er zijn van deze werken echter wel zwart-wit foto’s bewaard gebleven. Om deze verdwenen schatten uit de kunstgeschiedenis weer zichtbaar te maken voor het publiek heeft Ogüt ze in grijstinten nageschilderd. De wand waarop ze worden gepresenteerd is ook grijs, waardoor het historische karakter wordt geaccentueerd. De installatie in de ruimte is een exacte kopie van de expositieruimte in het Amsterdamse Van Gogh Museum.

Uit dezelfde reeks verloren Van Goghs, maar op heel andere wijze uitgewerkt zijn de werken van Matthew Day Jackson (USA, 1974). Hij heeft het werk van Van Gogh dat tijdens Wereldoorlog II is verbrand ruimtelijk nagemaakt als object in de verstilling van het moment van verbranding tot verkoling. In het zwartgeblakerde hout is het reliëf van de voorstelling ‘Het park in Arles met de ingang gezien door de bomen’ scherp afgetekend.

Een ander stuk, dat eveneens een verdwenen Van Gogh laat zien, is van Raul Ortega Ayala (Mexico, 1973), Still Life with Meadow Flowers and Roses (After Vincent van Gogh). Hij onthult in dit werk de onderschildering van een bloemstuk van Van Gogh uit de collectie van het Kröller Müller Museum: twee worstelaars geschilderd op de academie in Antwerpen. Dit werk maakt deel uit van de serie From the Pit of Et Cetera, waarmee Ortega Ayala ingaat op Social Amnesia (naar de Amerikaanse historicus Russell Jacoby). Voor de totstandkoming van dit werk maakte de kunstenaar gebruik van een röntgenopname uit het archief van het museum om het ‘onbekende schilderij’ weer poignant zichtbaar te maken.

Stijn Peeters (Nederland, 1957) heeft in december 2017 deelgenomen aan het Van Gogh AiR programma. In het gastatelier in Zundert heeft hij met grafische technieken reproducties vervaardigd naar werken van Van Gogh. Peeters heeft gekozen voor afbeeldingen waarin Vincents mededogen voor de lijdende mens centraal staat. Het zijn spitters, houtdragers en zakkendragende mijnwerkersvrouwen (‘The bearers of the burden’). Vervolgens heeft hij de personages van Van Gogh omgevormd tot hedendaagse asielzoekers die (ook vaak zwaar bepakt) tegenwoordig ons landschap kleuren en mededogen behoeven. Aan de hand van deze serie brengt Peeters een speciaal nummer uit van zijn eigen kunsttijdschrift Ezel. Deze publicatie zal gepresenteerd worden bij gelegenheid van deze tentoonstelling.

Niek Hendrix (Nederland, 1985) vervaardigde onder andere een ongefixeerde reproductie van een kindertekening van Van Gogh in houtskool, voor de collectie van het Van GoghHuis. De vergankelijkheid van een dergelijk jeugdwerk (dat zich tot op heden in een onbekende particuliere collectie bevindt) wordt geaccentueerd door het bewust niet fixeren van de tekening. Ook deze nieuwe versie is volgens Hendrix niet voor de eeuwigheid. Een tweede werk laat een herinnering zien aan Vincents 1ste atelier in Etten (NBr). Het is een reproductie (in trompe l’oeil) van een prent van De Zaaier van Millet, die Van Gogh in Etten natekende. Tot slot schilderde Hendrix in grijstonen een kopie van ‘De groene papegaai’. Het bedrieglijke van dit werk is dat Van Gogh het schilderde naar een opgezette vogel.

Fotograaf Vik Muniz (Brazilië, 1961) is bekend van voorstellingen waarin hij de westerse kunstgeschiedenis kopieert met gebruik van onwaarschijnlijke materialen zoals papiersnippers, afval of planten. Niet met de bedoeling om de beschouwer te misleiden, maar om aan te zetten tot reflectie over de mate waarin het beeld betrouwbaar is. Door middel van zijn foto’s dwingt hij ons het proces van zien en waarnemen te ervaren.

“Ik wil de slechtst mogelijk illusies maken die toch nog de ogen van de gemiddelde persoon kunnen overtuigen … Illusies zo slecht als die van mij maken mensen bewust van de bedrieglijkheid van visuele informatie en van het plezier dat hieruit geput kan worden. Deze illusies zijn gemaakt om de architectuur van ons concept van waarheid te ontmantelen. Daardoor zijn ze meta-illusies”.

Hiermee vat Muniz treffend de opzet en intentie van de expositie ‘Naar Van Gogh’ samen. Twee grote fotoprints van hem worden geëxposeerd: Irissen en Vaas met zonnebloemen.

Vik Muniz – Van Gogh in dahlia’s

Zundert is bekend vanwege het jaarlijkse dahliacorso. Aan Studio Vik Muniz is gevraagd om speciaal in Zundert tijdens het corso in september 2018 een nieuw werk naar Van Gogh te vervaardigen uit dahlia’s. Dit zal plaatsvinden in de tuin van het Van GoghHuis, waar een veld beschikbaar is van circa 10 x 20 meter. Voor de uitvoering van het kunstwerk wordt een beroep gedaan op het enthousiaste team van vrijwilligers van het Van GoghHuis. Hieronder zijn ervaren corsobouwers. De performance van Vik Muniz voegt een extra activiteit toe aan de tentoonstelling. Bezoekers kunnen vooraf de totstandkoming volgen en tijdens het corso het dahliatableau bekijken vanaf de speciale (projectie)toren die in de Van Goghtuin wordt gebouwd. Het werk blijft liggen van 1 tot en met 16 september. De resultaten van dit project (fotoprints) zullen daarna worden toegevoegd aan de expositie.

MARITIEM MUSEUM ‘WATERPROOF’

MARITIEM MUSEUM VIERT 150 JAAR ‘WATERPROOF’

Veiligheid op zee

Precies 150 jaar geleden kwam klassebureau Lloyd’s Register naar Nederland. Om dit jubileum te vieren, wordt op zaterdag 9 juni de tentoonstelling Waterproof: Veiligheid op zee geopend in het Maritiem Museum Rotterdam.

Bijna alle schepen die de Nederlandse wateren bevaren, zijn onderworpen aan intensieve inspecties, uitgevoerd door klassebureaus. Een schip moet namelijk zeewaardig en veilig zijn. Je moet er toch niet aan denken dat een tanker olie lekt, een veerpont geschilderd is met giftige verf of een schip ontploft in de Rotterdamse haven.

Lloyd's_coffee_house_drawing
Roddelen in een koffiehuis
[ Afb.: A 19th-century drawing of Lloyd’s Coffee House ]

Lloyd’s Register ontstond in een Londens café, dat rond 1700 erg populair was onder maritieme handelaren, verzekeraars en reders. In die tijd was de kwaliteit van schepen lastig vast te stellen, omdat er nog geen regels waren vastgelegd. In het koffiehuis van Edward Lloyd gingen de roddels over maritieme mankementen uitgebreid over tafel. Het bracht de eigenaar op het idee om al die kennis te bundelen. Hij begon een nieuwsbrief en bouwde een spreekstoel, waar aanwezigen het laatste scheepvaartnieuws met elkaar konden delen. Hieruit ontstond in 1760 het eerste klassebureau, Lloyd’s Register.

waterproof_mmr_lloyds_register_1

Foto Lloyds Register – Een surveyor loopt langs het leidingwerk

 Doodlopende gangen

In Waterproof komen bezoekers er – ter gelegenheid van het 150-jubileum van Lloyd’s Register Nederland – achter, wat er allemaal komt kijken bij het bouwen van een betrouwbaar schip. Zij ontdekken de uiteenlopende werkzaamheden van inspecteurs (ook wel: surveyors) en zien hoe de regelgeving steeds wordt aangescherpt door veranderingen in de scheepsbouw en door rampen. Zo werden tankers dubbelwandig, meer reddingssloepen verplicht en doodlopende gangen aan boord verboden. Ook is milieubescherming in de afgelopen decennia steeds belangrijker geworden.

Museum van het jaar

Waterproof is de eerste tentoonstelling van het Maritiem Museum als museum van het jaar. Op vrijdag 18 mei werd bekend dat het Rotterdamse museum de BankGiro Loterij Museumprijs heeft gewonnen. Het museum kreeg een recordaantal stemmen van het publiek.

‘Waterproof: Veiligheid op zee’ is vanaf zaterdag 9 juni 2018 te zien in het Maritiem Museum Rotterdam. De tentoonstelling wordt mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van de Lloyd’s Register Foundation.

Mini-tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’

Mini-tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’
over reconstructie verloren gegane Assyrische kleitabletten

PERSFOTO_1_Scannen_voor_Syrie_-_3D_prints_kleitabletten_Foto_Rijksmuseum_van_Oudheden

De (digitale) 3D-reconstructie van kleitablet nummer T98-34, gemaakt door de mallen van het originele stuk digitaal te scannen Foto: Scanning for Syria Tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’ | 7 juni t/m 28 oktober 2018

Op 7 juni opent het Rijksmuseum van Oudheden de mini-tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’. Die laat zien hoe Nederlandse onderzoekers reconstructies maken van drieduizend jaar oude Assyrische kleitabletten. De originelen, opgeslagen in museumdepots in Raqqa (Syrië), zijn tijdens de recente burgeroorlog verloren gegaan. Het gaat om materiaal uit het Assyrische fort van Tell Sabi Abyad, waar tot 2010 Leidse archeologen werkten. Ze vonden er de honderden kleitabletten met waardevolle informatie over het reilen en zeilen in het fort. Van een aantal exemplaren is destijds een mal gemaakt en nu er geen originelen meer zijn, blijken die goud waard. Met nieuw ontwikkelde technieken zijn ze gescand en geprint, waarmee de unieke informatie uit de spijkerschriftteksten alsnog bewaard blijft.
‘Scannen voor Syrië’ is te zien tot en met 28 oktober 2018. 

PERSFOTO_3_Scannen_voor_Syrie_-_De_gedigitaliseerde_mal_T98-34__Scanning_for_Syria

De (digitale) 3D-reconstructie van kleitablet nummer T98-34, gemaakt door de mallen van het originele stuk digitaal te scannen
Foto: Scanning for Syria
Tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’ | 7 juni t/m 28 oktober 2018

Kleitabletten uit Tell Sabi Abyad
Tussen 1986 en 2010 hebben Nederlandse archeologen van het Rijksmuseum van Oudheden en de Universiteit Leiden onderzoek gedaan op Tell Sabi Abyad, een belangrijke vindplaats in Noord-Syrië. Bij de opgravingen van een Assyrisch fort ontdekten ze honderden waardevolle kleitabletten met teksten in spijkerschrift. Die geven een gevarieerd beeld van wat er daar rond 1200 v.Chr. zoal gebeurde. In veel gevallen gaat het om administratie, maar ook valt te lezen dat er iemand in de gevangenis zat voor tovenarij, er bij onderlinge handelstransacties vaak met de dood gedreigd werd, en dat er 40 liter bier nodig was voor het feestje van de grootvizier. ‘Scannen voor Syrië’, in twee vitrines op de vaste afdeling ‘Nabije Oosten’, besteedt aandacht aan dit onderzoek op Tell Sabi Abyad en laat originele voorwerpen zien van de opgraving, mallen en prints van verloren kleitabletten en een 2D/3D scanner. Zo beoogt de presentatie een beeld te geven van het belang van nieuwe technieken, om oudheden voor de eeuwigheid te kunnen bewaren.

PERSFOTO_4_Scannen_voor_Syrie_-_Opgraving_Tell_Sabi_Abyad_c_Universiteit_Leiden.jpg
Archeologen aan het werk bij de opgraving Tell Sabi Abyad
Foto: Universiteit Leiden | Tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’ | 7 juni t/m 28 oktober 2018

Waardevolle samenwerking
De tentoonstelling ‘Scannen voor Syrië’ komt voort uit het gelijknamige project van de Technische Universiteit Delft, the Leiden-Delft-Erasmus Centre for Global Heritage and Development, en faculteit Archeologie van Universiteit Leiden, waarbij archeologen en technici samenwerken om te zoeken naar manieren om beschadigd en verloren cultureel erfgoed digitaal te bewaren. Zij ontwikkelden een techniek om de mallen van Tell Sabi Abyad te scannen en de verdwenen kleitabletten te reconstrueren. Het grootste probleem dat de onderzoekers hadden, was dat de meeste scanmethodes uitgaan van een bol voorwerp, terwijl een mal een negatief (hol) is. De nieuwe methode is niet alleen geschikt om dit soort voorwerpen te scannen, ze kan ook door kleitabletten heen kijken. Dit is met name belangrijk als het tablet nog is omgeven door een ‘envelop’ van klei. Zonder deze te beschadigen kan het tablet nu gelezen worden. Het project ‘Scanning for Syria’ is gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) binnen het programma van het Creatieve industrie – KIEM project.

Tip
Voor liefhebbers en specialisten is er in het museum op 7 juni, de openingsdag van ‘Scannen voor Syrië’, het symposium Archaeology of the future’, over digitale manieren om beschadigd en verloren cultureel erfgoed te bewaren en reconstrueren (gratis bij museumbezoek). 

NAJAAR 2018: MEGATENTOONSTELLING FRANS HALS EN DE MODERNEN

NAJAAR 2018: MEGATENTOONSTELLING FRANS HALS EN DE MODERNEN
Hals ontmoet Manet, Singer Sargent, Van Gogh

Haarlem, 26 april 2018 – Het vernieuwde Frans Hals Museum opent op 13 oktober 2018 een spraakmakende tentoonstelling van buitengewoon kaliber: Frans Hals en de Modernen. Het is immers precies 150 jaar geleden dat Frans Hals werd herontdekt. Vanaf dat moment werd hij niet langer gezien als een losbandige dronkaard maar bewonderd als modern idool door 19eeeuwse schilders als Manet, Liebermann, Singer Sargent en Van Gogh. De tentoonstelling toont met zo’n 80 bruiklenen afkomstig van musea uit de hele wereld de enorme impact die Hals had op deze moderne schilders. Voor de eerste keer worden zijn schilderijen afgezet tegen reacties op zijn werk uit die andere hoogtijperiode van de schilderkunst eind 19e eeuw. Hierdoor wordt inzichtelijk hoe vooruitstrevend Frans Hals was: ‘Frans Hals, c’est un moderne’. 

Manet, Chicago, AIC lowres

Edouard Manet, Jongen met waterkruik, 1862,72

 

HERONTDEKKING FRANS HALS

Precies 150 jaar geleden – in 1868 – werd Frans Hals door de invloedrijke Franse kunstcriticus Théophile ThoréBürger (her)ontdekt. Hals was het merendeel van de 18e eeuw en eerste helft van de 19e eeuw genegeerd door kunstcritici. Zijn innovatieve schilderstijl met losse toets sloot niet meer aan bij de geldende academische stijl. Die losse schilderstijl werd in verband gebracht met zijn ‘lichtzinnige’ levenswijze en als slecht voorbeeld gepresenteerd. Het gevolg was dat zijn schilderijen slechts weinig waarde toegekend kregen op de kunstmarkt en de naam Frans Hals in de meeste overzichtswerken van de Gouden Eeuw ontbrak.

Malle_Babbe-Gemäldegalerie lowres.jpg

Frans Hals, Malle Babbe, 1633-35

Thoré-Bürger (die ook zorgde voor een herontdekking van Vermeer) ging met verschillende publicaties in op het werk van Hals, maar het waren vooral de twee uiterst lovende artikelen voor het gezaghebbende kunsttijdschrift Gazette des Beaux-Arts die een grote impact hadden. Thoré-Bürger stelde daarin Hals’ virtuositeit en gedurfde penseelvoering juist ten voorbeeld aan moderne kunstenaars. De artikelen vormden het startschot voor een hernieuwde interesse voor Hals’ schilderijen en een herwaardering van zijn schilderstijl onder eigentijdse schilders. De prijzen van zijn werk stegen razendsnel en ieder gerespecteerd museum en verzamelaar stond te popelen om een Hals te verwerven. Vele schilders –in het begin vooral Franse, maar al snel ook Duitse, Engelse en Amerikaanse- reisden honderden kilometers naar Haarlem dat zich als een waar pelgrimsoord voor kunstenaars ontpopte, om het werk van Hals in het net geopende Gemeentemuseum (1862) te bewonderen.

FRANS HALS EN DE MODERNEN

De 150-jarige mijlpaal van deze herontdekking vormt een buitenkans om een tentoonstelling te organiseren over de grootmeester van het portret. De tentoonstelling Frans Hals en de Modernen. Hals ontmoet Manet, Singer Sargent, Van Gogh maakt zichtbaar wat Hals’ impact is geweest op schilders uit de tweede helft van de 19e eeuw. Frans Hals werd bewonderd, zelfs aanbeden door laat 19e-eeuwse kunstenaars als Edouard Manet, Max Liebermann, John Singer Sargent, James Ensor, Mary Cassatt, Gustave Courbet, McNeill Whistler, William Merritt Chase, Henri Fantin-Latour en Vincent van Gogh. Ze waren onder de indruk van zijn losse toets en ruwe schilderstijl die ‘impressionistisch’ overkwam. Deze tentoonstelling die van 13 oktober 2018 tot en met 10 februari 2019 te zien is in Frans Hals Museum, locatie Hof, toont met zo’n tachtig bruiklenen de impact van Hals op deze moderne schilders. Daarin worden voor het eerst in de kunstgeschiedenis schilderijen van Frans Hals naast werken en kunstenaars geplaatst die door hem zijn geïnspireerd.

Gogh, Roulin, Boston, MFA lowres

Vincent van Gogh, Postman Joseph Roulin, 1888

TWEE GROOTSE TENTOONSTELLINGEN IN HAARLEM

Op een steenworp afstand van het Frans Hals Museum is dit najaar nog een grootse tentoonstelling te zien. Teylers Museum presenteert aan de vooravond van Leonardo’s 500ste sterfjaar van 5 oktober 2018 tot en met 6 januari 2019 een unieke tekeningententoonstelling. Ruim dertig originele tekeningen van de wereldberoemde Leonardo da Vinci (1452-1519) komen naar Haarlem. Leonardo’s gave om emoties uit te beelden, staat centraal. Internationaal toonaangevende collecties als British Museum, Uffizi in Florence, het Louvre en de Royal Library van Windsor Castle geven de kwetsbare tekeningen in bruikleen. Een deel was nooit eerder in Nederland te zien.

Teylers Museum en Frans Hals Museum bieden voor beide tentoonstellingen een combiticket aan met gereduceerd tarief. Uitsluitend online te koop vanaf 22 augustus 2018.

 

 

Leonardo da Vinci tentoonstelling, Teylers Museum

Woensdag 2 mei 2018 was het precies 499 jaar geleden dat Leonardo da Vinci (1452-1519) overleed. Teylers Museum in Haarlem geeft op 5 oktober de aftrap voor een wereldwijd Da Vinci jaar met tentoonstellingen, symposia en andere activiteiten vanwege het 500ste sterfjaar van Leonardo. Met bruiklenen uit o.a. Londen, Turijn, Parijs, Boedapest en Florence organiseert het museum een imposante tentoonstelling met werk van de meester waarvan het overgrote deel nog nooit in Nederland te zien is geweest.

Een van de topstukken is de studie van het gezicht van een jonge vrouw; waarschijnlijk een voorstudie voor het schilderij de Madonna in de grot dat nu in het Louvre in Parijs hangt. Bezoekers kunnen vanaf 22 augustus online kaarten bestellen. De tentoonstelling is te zien van 5 oktober 2018 tot en met 6 januari 2019. 

Studie jonge vrouw.jpg

Leonardo da Vinci (1452-1519), Hoofd van een jonge vrouw, driekwart naar links; Metaalstift; 181 x 159 mm; Biblioteca Reale, Turijn

Teylers Museum laat tijdens de tentoonstelling meer dan 30 originele tekeningen zien van Leonardo da Vinci. Uitgangspunt voor de tentoonstelling is de menselijke emotie in de tekeningen van de kunstenaar. Hij was de eerste in zijn tijd die ‘echte’ voorbeelden van de straat nam, en deze mensen, met al hun gevoelsuitdrukkingen, portretteerde.

De Mona Lisa onder de tekeningen

Leonardo-kenner Sir Kenneth Clark noemde het ‘one of the most beautiful drawings in the world’. Een van de meesterwerken die vanaf 5 oktober te zien zal zijn, is de studie van het gezicht van een jonge vrouw, ook wel de Mona Lisa onder de tekeningen genoemd. Een prachtig voorbeeld van hoe Leonardo menselijke emoties wist vast te leggen in zijn werken. De tekening is zeer waarschijnlijk een studie voor het figuur van de engel in het schilderij de Madonna in de grot dat nu in het Louvre in Parijs hangt en laat heel goed zien dat Leonardo linkshandig was. De arcering is duidelijk van linksboven naar rechtsonder gezet. Het bruikleen komt bij hoge uitzondering naar Nederland vanuit de Biblioteca Reale uit Turijn. Het is de eerste keer dat dit werk in Nederland te zien is.

Tentoonstelling

Voor de tentoonstelling Leonardo da Vinci lenen toonaangevende musea, waaronder de Uffizi in Florence, de Kunsthalle Hamburg, het British Museum, het Louvre, het Museum of Fine Arts in Boedapest en de Royal Collection Trust in Windsor, kwetsbare tekeningen uit die niet eerder of zelden in Nederland te zien waren. Leonardo’s gave om emoties uit te beelden, staat centraal. Het laatste avondmaal kan uiteraard niet reizen, maar zal op bijzondere wijze (en op ware grootte) tóch aanwezig zijn. De tentoonstelling is het startschot voor het internationale Leonardo da Vinci Jaar. In 2019 is het 500 jaar geleden dat Leonardo stierf. De tentoonstelling wordt samengesteld door gastconservator Michael Kwakkelstein (Universiteit Utrecht) en Teylers conservator Michiel Plomp.

Teylers en Frans Hals

Op een steenworp afstand van Teylers Museum bevindt zich het Frans Hals Museum. Vanaf 13 oktober 2018 tot 11 februari 2019 laat dit museum in de tentoonstelling Frans Hals en de Modernen, de impact zien die Frans Hals had op baanbrekende schilders uit de 19e eeuw als Manet, Liebermann en Van Gogh. Stuk voor stuk kwamen die indertijd naar Haarlem om te kijken naar Hals’ losse toets en ruwe schilderstijl, die ‘impressionistisch’ overkwam.

GOLDBRUN – YURI HONING & MARIECKE VAN DER LINDEN

GOLDBRUN – YURI HONING & MARIECKE VAN DER LINDEN
22 september 2018 t/m 6 januari 2019 Museum de Fundatie, Zwolle

Yuri_Mariecke_Quatre-Mains_Photo_Mariecke_van_der_Linden

Yuri Mariecke, Quatre-Mains. Foto: Mariecke van der Linden

Als vervolg op het album Goldbrun, waarmee Yuri Honing gisteren de prestigieuze Edison Jazz Award 2018 in de wacht sleepte, richt hij samen met kunstenaar Mariecke van der Linden vanaf 22 september 2018 een ruimte in bij Museum de Fundatie. Met muziek, schilderijen en installaties reflecteren zij in een ‘Gesamtkunstwerk’ op Europa. De presentatie wordt ingepast in de tentoonstelling Giacometti-Chadwick, Facing Fear. Hun visie op Europa verhoudt zich tot die van de twee beeldhouwers, die, elk in een eigen vormentaal, reageerden op de toestand van ontluistering en angst in Europa tijdens de jaren van de Koude Oorlog.

Voeg een beschrijving toe…Clara and RobertMariecke van der Linden

Mariecke van der Linden, Quatre Mains – the Schumanns, Clara und Robert, olieverf op doek, 90 x 180 cm

Yuri Honing (Hilversum, 1965) en Mariecke van der Linden (Ravenstein, 1973) maken van één van de zalen in de Fundatie Zwolle een totaalkunstwerk. De museumzaal wordt volledig beschilderd door Van der Linden, waarbinnen een manshoge piëta, met Spinoza als Maria en het onthoofde lichaam van Marie-Antoinette als Jezus, samen met Honings muziek zorgen voor een totaalbelevenis. Vloer, wanden en plafond maken onderdeel uit van de multidisciplinaire installatie. Beiden reageren op geheel eigen wijze via beeldende kunst en muziek op politieke en historische thema’s met als adagium ‘Homo huminus lupus’, de mens is een wolf voor zijn medemens.

Goldbrun-Heaven_olieverfopdoek_100x100cm

Mariecke van der Linden, Goldbrun – Heaven, olieverf op doek, 100 x 100 cm

De samenwerking tussen Mariecke van der Linden en Yuri Honing is uniek omdat Van der Linden oorspronkelijk componist is en Honing beeldende kunst in al zijn albums een belangrijke rol laat spelen. Deze combinatie levert een zeldzame kruisbestuiving op.

Tentoonstelling: Goldbrun – Yuri Honing & Mariecke van der Linden
Datum: 22 september 2018 t/m 6 januari 2019
Locatie: Museum de Fundatie, Blijmarkt 20, 8011 NE Zwolle
Openingstijden: dinsdag t/m zondag 11-17 uur
Informatie: http://www.museumdefundatie.nl, 0572-388188

Blut_und_Boden_olieverfopdoek_30x40cm (1)

Mariecke van der Linden, Blut und Boden, olieverf op doek, 30 x 40 cm

Rineke Dijkstra in De Pont

Rineke Dijkstra in De Pont
10 maart ­ 22 juli 2018

The Hasselblad Award, een van de meest prestigieuze internationale fotografieprijzen, ging in oktober 2017 voor het eerst naar een Nederlandse fotograaf: Rineke Dijkstra (Sittard,1959). De Pont is dan ook extra trots het werk van Dijkstra te kunnen tonen in
een grote overzichtstentoonstelling die 10 maart 2018 geopend werd.

Rineke Dijkstra_Sefton Park, Liverpool, June10, 2006_preview

Rineke Dijkstra | Sefton Park, Liverpool, June10, 2006 | Curtesy of the artist and Marian Goodman Gallery, New York, Paris and London; Galerie Max Hetzler, Berlin and Paris and Jean Mot, Bruxelles

De internationale jury roemde Dijkstra om haar “briljante studie van de identiteit,
kwetsbaarheid en waardigheid” en schreef over haar: “Ze slaagt erin mensen zo te
vangen dat ze op een verbazingwekkende manier aanwezig zijn, op precies dat ene
moment. Hoewel ze absoluut modern zijn, tijdloos zelfs, doet haar portretwerk denken aan de grote meesters van de Gouden Eeuw van de Nederlandse kunst.”

RinekeDijkstra_Kolobrzeg, Poland, July 26, 1992_preview

RinekeDijkstra | Kolobrzeg, Poland, July 26, 1992 | Courtesy of the artist and Marian Goodman Gallery, New York, Paris and London; Galerie Max Hetzler, Berlin and Paris and Jean Mot, Bruxelles

Dijkstra werd zo’n twintig jaar geleden wereldberoemd met haar indringende
strandportretten, waar verschillen en overeenkomsten tussen de geportretteerden
en hun culturele achtergrond subtiel aan het licht treden. In andere series, zoals
Jonge moeders en Stierenvechters, strijden tegengestelde emoties als uitputting,
opwinding en trots om voorrang. De fraaie, haarscherp gedetailleerde foto’s geven de
toeschouwer bijna het idee oog in oog te staan met de geportretteerden. Tegelijk
verliezen ze door het seriële karakter deels hun individualiteit. Als kijker identificeer je
je vooral met de algemeen menselijke gevoelens die zij tonen, zoals verlegenheid of
ongemak.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Rineke Dijkstra, Emma, Lucy, Cécile (Three sisters 2008 – 2014), 2008
Rineke Dijkstra, Emma, Lucy, Cécile (Three sisters 2009 – 2014), 2012
Courtesy of the artist and Marian Goodman Gallery, New York, Paris and London; Galerie Max Hetzler, Berlin and Paris and Jean Mot, Bruxelles

Dijkstra maakt ook video’s, waarvan De Pont er in 2010 een aankocht:
I See a Woman Crying Hierin is te zien en te horen hoe een groep schoolkinderen op ernstige toon discussieert over de betekenis van Picasso’s schilderij The Weeping Woman.

Andere fotografen die in het verleden de prestigieuze Hasselblad Award wonnen en vertegenwoordigd zijn in de vaste collectie van De Pont, zijn Stan Douglas (2016),
Sophie Calle (2010) en Jeff Wall (2002). Ook van hen is momenteel werk te zien in
het museum.

De overzichtstentoonstelling van Rineke Dijkstra, waarin ruim tachtig werken
worden getoond, is een samenwerking met het Deense Louisiana museum, waar de
tentoonstelling tot eind december 2017 te zien was.

Rotterdam in Kleur

Museum Rotterdam en Stadsarchief Rotterdam presenteren:

ROTTERDAM IN KLEUR 

Amateurfoto’s uit 1936-1945

Rotterdam, 8 mei 2018 – Op woensdag 16 mei opent Museum Rotterdam in samenwerking met Stadsarchief Rotterdam een kleine tentoonstelling waar kleurendia’s uit de periode 1936-1945 centraal staan. Het zijn unieke beelden van het vooroorlogse Rotterdam in kleur. Een must-visit voor liefhebbers van de stad en fotografie.

1_Boompjes-hoek-Rederijstraat-1936-1940_Credits-Collectie-Stadsarchief-Rotterdam_fotograaf-R.-Boske

Boompjes hoek Rederijstraat 1936-1940 | Credits Collectie Stadsarchief Rotterdam | Fotograaf R. Boske

 Kleur in amateurfotografie was voor de Tweede Wereldoorlog heel bijzonder aangezien kleurenrolletjes pas in 1936 op de markt kwamen. Uit de periode 1936 – 1945 heeft Stadsarchief Rotterdam 200 bijzondere kleurendia’s verworven waaruit curator Joop de Jong in samenwerking met Museum Rotterdam een selectie heeft gemaakt.

In de tentoonstelling ‘Rotterdam in Kleur‘ staan opnames van amateurfotografen Richard Boske, Jan Willemstijn en Hendrik Sutterland centraal. Zij fotografeerden de stad Rotterdam, en na mei 1940 tevens de oorlogsverwoestingen in kleur; beelden die uniek zijn voor Rotterdam.

2_Scheepmakershaven-1936-1940_Credits-Collectie-Stadsarchief-Rotterdam_fotograaf-R.-Boske

Scheepmakershaven 1936-­1940 | Credits Collectie Stadsarchief Rotterdam | Fotograaf R. Boske

“De meeste fotografie uit die tijd is in zwart/wit en dat kleurt onze herinnering. Als je die tijd ineens in kleur ziet, komt dat heel levensecht en verrassend herkenbaar over.”
Jantje Steenhuis, Gemeentearchivaris Rotterdam.

De wisselexpositie Rotterdam in Kleur is vanaf 16 mei tot 9 september te zien bij Museum Rotterdam in het Timmerhuis.

3_Canadees-kampement-Heemraadsingel-1945_Credits-Collectie-Stadsarchief-Rotterdam_fotograaf-R.-Boske

Canadees kampement Heemraadsingel mei 1945 | Credits Collectie Stadsarchief Rotterdam | Fotograaf R. Boske